Afgelopen weekend stond in het teken van mijn ultraloop op Texel.
Helaas eindigde het avontuur in een DNF na 61 kilometer.
Vrijdagmiddag rond half één haalden we Jan en Marian op.
Ongeveer tweeënhalf uur later reden we de veerboot af in Texel.
Na aankomst installeerden we ons in het huisje.
De kleine mankementen werden gelukkig snel opgelost door de technische dienst, waarna we de dag afsloten met een heerlijke maaltijd.
Op zaterdag namen we samen met de dames nog wat belangrijke punten door en verkenden we een deel van het parcours.
Na een flinke pastamaaltijd besloot ik op tijd naar bed te gaan.
De wekker stond namelijk al op een paar minuten voor twee – want de klok werd die nacht verzet van twee naar drie.
Zondag – raceday
Marian en Maaike brachten ons naar de start, waar we al snel veel bekenden tegenkwamen.
De temperatuur was nog prima, het was droog en de wind leek mee te vallen: goede omstandigheden dus.
Om 04:35 uur mochten we eindelijk vertrekken.
Zoals altijd valt er dan meteen een stukje spanning van je af.
De eerste kilometers voelden echter verrassend zwaar.
Ondanks een rustige trainingsweek en een paar extra rustdagen kwam ik moeilijk in mijn ritme. Mijn tempo lag rond de 5:50/km, precies volgens plan, maar het voelde sneller en zwaarder.
Ik begon in een groepje, maar besloot al snel mijn eigen tempo te lopen, zonder rekening te hoeven houden met fietsers. Helaas hield niet iedere fietser rekening met mij, maar dat hoort er vaak een beetje bij.
Ondanks de kou had ik het erg warm; het zweet liep van mijn gezicht.
Ook mijn maag speelde op, en omdat je grotendeels over een dijk loopt, is een sanitaire stop niet ideaal. Bij de eerste verzorgingspost stond een dixie, maar die was helaas bezet.
Dan maar improviseren naast het gemaal. Dat luchtte letterlijk en figuurlijk op, en ik kon weer verder richting de vuurtoren.
Bij de vuurtoren gingen we voor het eerst het strand op.
Toen ik er weer af kwam, was ik behoorlijk buiten adem.
Zwaarder dan verwacht, ondanks dat het zand nog redelijk goed beloopbaar was.
Even rustig een gelletje genomen en wat gedronken, en daarna weer verder.
Mijn buik bleef echter onrustig, dus niet veel later moest ik opnieuw stoppen.
Daarna begon het gelukkig beter te lopen.
De mooie stukken van het parcours – zoals de Slufter – maakten het een stuk aangenamer.
Ook de tweede strandpassage viel mee, omdat het zand er goed bij lag.
De wind bleef nog rustig, wat een meevaller was. Alleen de afstand… die leek eindeloos.
Eenmaal van het strand af moest ik na ongeveer een kilometer opnieuw stoppen.
Tijdens het hurken schoot er ook een flinke pijn in mijn rug.
Toch begon ik ondertussen alweer te rekenen en voorzichtig te geloven in een mogelijke finish. Tot halverwege de derde strandpassage.
Een blaar op mijn teen, pijn in mijn lies (die zich normaal pas een dag later aandient), rugpijn en klachten aan mijn linkerenkel maakten het lopen steeds zwaarder.
Maar het grootste probleem was dat mijn energie volledig weg was.
Mijn voedingsplan was volledig mislukt.
Het plan was om elke dertig minuten een gel te nemen, maar dat lukte niet.
Door de kou waren ze veranderd in een soort kauwgom.
In totaal kreeg ik er slechts vier weg in 60 kilometer, met daarnaast ongeveer 1,2 liter water. Achteraf gezien een flinke fout.
Ik volgde exact de paarse lijn op mijn Garmin, en ploeterde een kilometer door het losse duinzand, maar besloot toen weer richting de kustlijn te gaan.
Daar bleek ik nog flink wat kilometers over het strand te moeten voordat ik eraf kon.
Op dat moment stapelde alles zich op: fysiek, mentaal en qua omstandigheden.
Ik wist dat ik in deze staat geen volledige ronde meer zou kunnen uitlopen. Doorlopen had weinig zin, dus besloot ik eruit te stappen.
Helaas was Jan op hetzelfde punt ook uitgestapt, door problemen met de heup. Hopelijk is die vervelende blessure snel verleden tijd!!
Balen, natuurlijk dat ik gestopt ben. Maar ook geen complete verrassing.
Het is een extreem zware wedstrijd en de kans op een finish was voor mij sowieso klein.
Je weet het pas zeker als je het probeert – en ik ben vooral dankbaar dat ik deze kans heb gekregen. Het verdriet heb ik vervolgens maar verzacht met een paar Skuumkoppe en Texelaars, en we hebben er alsnog een mooie zondag en maandag van gemaakt.
Nu niet te lang blijven hangen in de teleurstelling, maar vooruitkijken. Op naar de 24 uur van Sittard – een wedstrijd waar de lat een stuk lager ligt.
Want daar geldt: na één ronde heb je al een finish, mocht je dan al willen stopppen 😉







































